Tip van de maand


Geplaatst: 16 09 2013, 17:16 000000 

ADHD 2:


Na het publiceren van het artikel “Psychiater geeft op sterfbed toe dat ADHD een verzonnen ziekte is“op onze website, is de discussie in Nederland en België over dit onderwerp weer hoog opgelaaid. Vóór en tegenstanders van het gebruik van ‘medicatie’ vliegen elkaar in de haren en de één weet het nog beter te vertellen dan de ander. Wat opvalt is dat er een rode draad door deze hele discussie loopt, namelijk het gegeven: “Sinds ik medicatie gebruik heb ik minder problemen met mijn omgeving en de omgeving met mij”. Het blijkt dat interactie met de ‘omgeving’ een van de belangrijkste problematische factoren is voor mensen met ADHD. Het drukke, chaotische en vaak opstandige gedrag van een ADHD’er, roept in veel gevallen irritatie op bij de mensen in zijn directe omgeving en die irritatie zorgt er vervolgens voor dat spanningen gaan oplopen met als gevolg, hevige verwijten en uiteindelijk resulterend in hysterisch gedrag aan beide kanten.

Intelligentie Quotiënt

brHet is opvallend in de discussie dat onderbelicht blijft dat mensen die de diagnose ADHD hebben opgeplakt gekregen in héél veel gevallen een beduidend hoger IQ hebben dan de ‘gemiddelde’ mens. Naarmate een ADHD’er opgroeit blijken zij vaak over een discussievaardigheid te beschikken waar geen speld tussen te krijgen is. Ook dat levert in veel gevallen problemen met de omgeving op omdat de mens nou eenmaal van nature moeite heeft om toe te geven iets ‘fout’ te hebben gezien of gedaan. Dit speelt vooral in de relatie “ouders / kind”. Al heel snel vinden ouders hun kind brutaal als zij door hem of haar worden terechtgewezen. Ook wordt vaak minder goed geluisterd naar het kind waardoor de inhoudelijke argumenten van het kind niet tot de ouders doordringen. Het gevolg is dat het kind zich niet serieus genomen voelt en nog opstandiger wordt, zodanig dat ouders hun kind als onhandelbaar gaan zien. Dit is in de meeste gevallen de reden dat wanhopige ouders zich tot de medische wereld wenden voor het vinden van een oplossing. Tot de eind jaren vijftig van de vorige eeuw was het in de meeste gezinnen zo dat vader werkte en moeder voor het huishouden en de opvang van de kinderen zorgde. Ook was de hiërarchische structuur van de maatschappij compleet anders dan deze nu is. In die tijd waren de dominee, mijnheer pastoor, oom agent, de dokter en de schoolmeester reële autoriteiten en keek niemand ervan op als een kind van een van hen een ‘draai om zijn oren’ kreeg. “Dat zal hij wel verdiend hebben”, zei men dan. In die tijd bestond ADHD als ‘ziekte’ nog niet. Het is wel van alle tijden dat er drukke en minder drukke kinderen waren, maar dat werd over het algemeen normaal gevonden, maatschappelijk aanvaard en gaf verder geen problemen.

Maatschappij evolueert niet mee

Vanaf de jaren zestig is men begonnen medische termen te verzinnen voor kinderen die opvoedkundige problemen ondervonden. MBD, was de eerste term die gebruikt werd voor kinderen die druk en zogenaamd onhandelbaar waren. MBD stond toentertijd voor Minimal Brain Damage. Men ging ervan uit dat deze kinderen tijdens de geboorte of een operatie op vroege leeftijd zuurstofgebrek hebben geleden waardoor hun hyperactieve gedrag verklaard kon worden. Onderzoek wees uit dat bij de meeste van deze kinderen geen enkele hersenbeschadiging aangetoond kon worden en werd de term veranderd in Minimal Brain Dysfunction.

Inmiddels zijn we ruim een halve eeuw verder en heeft men de aanduiding MBD vaarwel gezegd en vervangen door ADHD. In het Nederlands wordt het ook wel “aandachtstekort-hyperkinetische stoornis of aandachtstekort-hyperactiviteitstoornis”genoemd. Het “aandachtstekort” slaat hier niet op het krijgen van te weinig aandacht, maar op het onvermogen van de ADHD’er om aandacht te kunnen schenken aan zijn omgeving. De enorme toename van het aantal diagnoses ADHD wordt tevens veroorzaakt door de maatschappelijke veranderingen. Voor iemand met ADHD is het belangrijk dat er structuur aanwezig is, dat er regels zijn en er regelmaat is, maar vooral aandacht en waardering. De snel veranderende en verhardende maatschappij die geen oog meer heeft voor het verband tussen persoonlijke inzet en beloning en vaak maatregelen neemt die niet met elkaar in overeenstemming zijn doen bij iemand met ADHD bewust of onbewust onbegrip en onvrede veroorzaken. Nemen we hierbij het doorgaans hogere IQ van deze kinderen dan zou de medische wetenschap onderzoek moeten gaan verrichten naar een kennelijke evolutionaire ontwikkeling die gaande is waardoor de kinderen steeds slimmer en intelligenter worden. Wanneer dit bewezen kan worden dan blijkt dat we met het toedienen van medicijnen om deze ontwikkelingen tegen te gaan, volledig op de verkeerde weg zijn. Het is best mogelijk dat deze onderzoeken al gedaan zijn maar niet openbaar gemaakt worden. Ten eerste zit de maatschappij niet te wachten op vrije en onafhankelijke mensen met een compleet eigen en niet beïnvloedbare mening, en ten tweede maakt de farmaceutische industrie duizenden miljarden winst om het steeds groeiend aantal hoogbegaafde ADHD’ers er onder te houden. Er wordt geen enkele poging ondernomen om deze vrije en oorspronkelijke geesten zich op hun eigen unieke wijze te laten ontwikkelen, daar is de maatschappij niet op ingericht. Deze heeft alleen belang bij een middelmaat. Om deze buitengewone mensen terug te brengen naar de middelmaat worden ze op sufmakende psychose verwekkende ‘medicijnen’ gezet.


Geplaatst: 16 09 2013, 17:13 000000 

Aspartaam:


Het Europese patent van aspartaam is nu online beschikbaar. Het bevestigt wat al een tijdje rondzong; namelijk dat deze kunstmatige zoetstof is gemaakt van een afvalproduct van gemodificeerde E-Colibacteriën. Al in 1999 werd dit feit gerapporteerd en werd er niet veel aandacht door de media aan gegeven, noch door haar producent, een bedrijf dat we inmiddels wel kennen, namelijk Monsanto..! Er werd in die tijd al genetisch-gemodificeerd aspartaam toegevoegd aan softdrinks in Groot Brittanië. (Zie HIER een artikel uit de Independent uit 1999)

In het patent wordt gesproken over ‘gekloonde micro-organismen’, hetgeen later onthuld werd als genetisch gemodificeerd E.Colibacteriën. En ze zijn gemodificeerd, om een speciale peptide te produceren, die weer nodig is om aspartaam te maken. Een peptide is een molecuul dat bestaat uit een kleine keten van aminozuren, die onderling zijn verbonden door middel van een peptidebinding. Een peptide onderscheidt zich van een eiwit door het geringe aantal aminozuren in het molecuul, maar kan zelf dienen als bouwsteen voor een eiwit.

De gecultiveerde en volgevreten bacteriën, produceren een aminozuur/eiwit-achtige stof, die het phenylalanine-aminozuur (aspartaamzuur) produceert, dat nodig is om de synthetische zoetstof te maken. Het afval van de bacteriën wordt daarna gebruikt om de grote peptide om te vormen tot een dipeptide, o.a. door middel van een carboxyl-groep. Daarna worden deze dipeptides behandeld met alcohol en methanol om tot het definitieve eindproduct ‘aspartaam’ te komen.

monsantoOnnodig om hier te zeggen dat we bij de naam Monsanto al onze wenkbrauwen dienen te fronsen, getuige de handelwijze van deze gigant op het gebied van genetisch gemanipuleerd voedsel en het gifgas ‘Agent Orange’, dat officieel werd gebruikt als ontbladeringsmiddel in de oorlog van de VS in Vietnam. Coca Cola liet onlangs nog een promotiecampagne draaien om de veiligheid te benadrukken van het aspartaam in haar producten (naast Coke o.a. ook Fanta en Sprite). CocaCola probeert zich ook te verdedigen tegen de sterker wordende aanwijzingen, dat light-drankjes mensen juist hongerig maken, omdat hun insuline-niveau erdoor wordt beïnvloed.
Opvallend is daarbij dat één van de presentatrices van de show roept:“Ik krijg inderdaad altijd honger als ik een light-drankje heb gedronken’..

Het bijzondere in relatie tot onze gezondheid blijft toch hoe je als overheid een giftige stof kunt toelaten onder het mom: “Het is veilig zolang je er maar niet teveel van neemt, want dan is het wel giftig”. Welk gezond mens is in staat zijn dagelijkse hoeveelheid aspartaam bij te houden, als dit smerige goedje al in meer dan 6.000 producten wordt toegepast?

Over E951: Aspartaam


nutrasweetcandarel2 Aspartaam (ook wel bekend als E951) is een kunstmatige zoetstof die bijna 200 x zoeter is dan suiker. Het wordt onder verschillende namen op de markt gebracht: Nutrasweet, Candarel en Equal, om er een paar te noemen.. Meer dan 200 miljoen mensen wereldwijd gebruiken elke dag aspartaam, want het zit in duizenden producten. Een aantal dat nog steeds stijgt want het wordt bijvoorbeeld ook gebruikt in dieet (‘light’) producten zoals frisdrank en tafelzoetjes. Maar daarnaast ook in fruitsappen, fruitconserven, ranja, yoghurt, kwark, yakult, taart, snoepjes, kauwgom, graanproducten, chips, peutertandpasta, enz. Het wordt echter ook steeds vaker in medicijnen en vitamine-preparaten toegepast…Het is een van de meest controversiële onderwerpen uit de wetenschap en het zorgt al meer dan 25 jaar voor grote onrust.


Geplaatst: 16 09 2013, 17:08 000000 

ADHD:


Als jij, of iemand die je kent, een kind heeft dat gediagnosticeerd is met ADHD (Attention Deficit Hyperactivity Disorder), is de kans groot dat het eigenlijk prima gaat met het kind. Dat is wat de “bedenker” van ADHD, Leon Eisenberg, vermoedelijk zou zeggen als hij nog in leven was. Op zijn sterfbed, gaf deze psychiater en autisme pionier toe dat ADHD in feite een “fictieve ziekte” is, wat betekent dat miljoenen jonge kinderen op dit moment onnodig zware, geestverruimende medicijnen voorgeschreven krijgen, die voorbode zijn van een leven vol medicijnverslaving en mislukking.

Zoals uitgelegd door Bradlee Dean, gastheer van de Amerikaans radioshow The Sons of Liberty, die ook schrijft voor The D.C. Clothesline, was ADHD slechts een theorie die ontwikkeld werd door Eisenberg. Er werd nooit bewezen dat het een verifieerbare ziekte is, hoewel Eisenberg en vele anderen flink geprofiteerd hebben van de wijdverspreide diagnose. De moderne psychiatrie blijft er ook van profiteren, en helpt om de schatkist van de farmaceutische industrie te vullen, door kinderen vroeg verslaafd te maken aan gevaarlijke psyche-stimulerende medicijnen zoals Ritalin (methylfenidaat) en Adderall (amfetamine, dextroamphetamine gemengde zouten).

Aanmoediging tot medicijnverslaving

“ADHD is bedrog, met de intentie kinderen aan te moedigen tot een leven van medicijnverslaving en dit te rechtvaardigen,” zei Dr Edward C. Hamlyn, één van de oprichters van The Royal College of General Practitioners in 1998 over de verzonnen conditie. Aansluitend aan deze gedachte, zeggen psychiaters Peter Breggin en Sami Timimi, die beiden tegen pathologisering van de symptomen van ADHD zijn, dat ADHD meer een sociale constructie is dan een objectieve “stoornis”.

Psychiatrie gaat over het genereren van extreme winst voor grote farmaceuten
ritalin2Het oorspronkelijke doel voor pathologisering van ADHD symptomen, was natuurlijk om meer winst voor de farmaceutische industrie te genereren. Volgens de groep Citizens Commission on Human Rights International (CCHRI), die opkomt voor het publieke belang, nemen ongeveer 20 miljoen Amerikaanse kinderen momenteel gevaarlijke, dure, psychiatrische medicijnen voor bedachte gedragsmatige aandoeningen zoals ADHD. En bij nog eens ca. één miljoen kinderen is schaamteloos toegegeven dat er een verkeerde diagnose gesteld is met verzonnen gedragscondities, waarvoor psychiatrische medicatie wordt voorgeschreven.

Omzetgroei door bedenken van nieuwe ‘ziektes’

“Vergeet niet dat er maar twee manieren zijn waarop farmaceutische bedrijven geld kunnen verdienen: nieuwe geneesmiddelen ontwikkelen, en nieuwe ziekten bedenken die al uitgevonden medicijnen kunnen behandelen,” schrijft Dr Jay Parkinson, MD, MPH, over de creëer-nep-ziekte industrie. “In de afgelopen tien jaar, hebben grote farmaceuten maar liefst 10 nieuwe medicijnen per jaar gemaakt,” voegt hij eraan toe, en merkt op dat veel van de mensen die verteld is dat ze last hebben van ADHD eigenlijk last hebben van “het gevolg van slecht ontwerp”, doelend op het conventionele sociale en educatieve systeem dat unieke individualiteit niet kan en wil herkennen.

Jacob Barnett

jacob barnett
14-jarige Jacob Barnett heeft een hoger IQ dan Einstein

Dit is zeker het geval voor Jacob Barnett, een 14-jarige autistisch genie wiens moeder werd verteld dat haar zoon waarschijnlijk nooit zou lezen of schrijven. Vandaag de dag is Jacob al bezig met zijn Master’s Degree in de kwantumfysica, terwijl de meeste van zijn leeftijdsgenoten nog steeds op de middelbare school zitten. Hij is momenteel ook bezig met het ontwikkelen van zijn eigen originele theorie in astrofysica, blijkt uit recente rapporten.

“De psychiatrische en farmaceutische industrie besteedt per jaar miljarden dollars om het publiek, wetgevers en de pers te overtuigen dat psychiatrische aandoeningen zoals bipolaire stoornis, depressie, Attention Deficit Disorder (ADD / ADHD), Post Traumatische Stress Stoornis, enz. medische aandoeningen zijn en op één lijn liggen met verifieerbare medische aandoeningen zoals kanker, diabetes en hart- en vaatziekten”, legt CCHRI uit. “Maar anders dan echte medische aandoening, zijn er geen wetenschappelijke tests om het medische bestaan van een psychiatrische stoornis te controleren.”

Bron: aHealthylife.nl (Vertaling – Romy Quint)


Geplaatst: 14 08 2012, 13:54 000000 

Bijnieren:


Bijnieruitputting met als gevolg fysieke en psychische onbalans

Bijnieruitputting: de luidruchtige, stille epidemie
Alles is hormonaal. Je gezondheid maar ook je stemmingen en je complete persoonlijkheid worden bepaald door hormonen, de biochemische boodschappers van het lichaam. In dit uitgebreide stuk behandel ik twee hoofdspelers in het hormonale orkest, de bijnieren en de schildklier, omdat ze zo’n belangrijke invloed uitoefenen op het geheel. Speciale aandacht verdienen vooral de bijnieren vanwege een stille, maar alsmaar luidruchtigere epidemie van bijnieruitputting. Om het geheel begrijpelijk te houden, versimpel ik de hormonale werking van de bijnieren tot twee hoofdhormonen, adrenaline en cortisol (met vooral aandacht voor cortisol) en laat ik andere bijnierhormonen als bijvoorbeeld noradrenaline en aldosteron buiten beschouwing.


Hercules en de sabeltandtijger
De bijnieren zijn twee hormoonorganen bovenop de nieren (vandaar de naam) die ieder niet groter zijn dan een druif. De bijnieren vervulden een belangrijke overlevingsfunctie in onze evolutie. Het stresshormoon adrenaline veroorzaakte een vecht- of vluchtreactie als we geconfronteerd werden met bijvoorbeeld een sabeltandtijger die ons opwachtte als we onze grot uitkwamen. We moesten dan razendsnel beslissen of we het gevaar tegemoet gingen (vechten) of we er keihard van wegrenden (vluchten). Het maakte ons agressief (vechten) of angstig (vluchten). Dat adrenaline ook vandaag de dag een zeer nuttige evolutionaire functie heeft, wordt beschreven in een uitstekend boek over bijnieruitputting, Adrenal Fatigue – the 21st Century Stress Syndrome van James Wilson uit 2001: een van de beroemdste voorbeelden van de ongelooflijke kracht van adrenaline vond zo’n 35 jaar geleden in Seattle plaats, toen een vrouw met haar kind in de auto werd aangereden op de snelweg. De auto sloeg over de kop, waardoor ze weggeslingerd werd en haar rechteram brak terwijl ze de baby vastklemde. Ruim tien mensen die te hulp kwamen snellen, waren getuige van deze buitengewone gebeurtenis. De vrouw sprong op, rende naar de auto, tilde deze met haar linkerarm op (jawel, de hele auto
met één arm) en trok de baby met haar gebroken arm onder de auto uit. Wonder boven wonder was de baby ongedeerd. De vrouw werd opgenomen in het ziekenhuis met ernstige kneuzingen aan de linkerkant van haar lichaam vanwege deze herculische prestatie en een gebroken rechterarm, maar ze genas uiteindelijk volledig.

Maar dit is nog maar de helft van het verhaal. Een ander belangrijk hormoon dat de bijnieren produceren is cortisol. Cortisol is verantwoordelijk voor heel veel dingen: het reguleert de bloedsuikerspiegel, de zout- en waterbalans in de cellen, de mineralenhuishouding, het houdt het immuunsysteem in balans, het reguleert de bloeddruk, is bij mannen verantwoordelijk voor de aanmaak van oestrogeen en bij
vrouwen voor de aanmaak van testosteron en het bepaalt je vermogen om met stress om te gaan. Je zou nog geen vier seconden overleven als adrenaline en cortisol uit het bloed werden verwijderd. Niet gek voor twee van zulke kleine orgaantjes, daar zouden we wat zuiniger op moeten zijn. Helaas putten we ook onze
cortisolvoorraad uit, dus ook op dat gebied draaien de bijnieren dubbele uren.

We zijn allemaal aan de drugs
Wat je goed moet begrijpen is dat voor de bijnieren alle stress echt is. Of je nu stress krijgt door je levensstijl, je werk, je gedachten, onverwerkte emoties, verkeerde voeding, het inademen van chemicaliën, synthetische medicatie, vaccinaties, het komt voor de bijnieren allemaal neer op een constante bedreiging van een
sabeltandtijger. Onze maatschappij is volledig gebaseerd op stimulatie en prestatie, we zijn allemaal aan de drugs. Lege, overbewerkte voeding die niet voedt maar alleen vult, overmatig sporten, te hoge werkdruk, te weinig slaap, sloten koffie, vrachten suiker, ‘energy’drankjes, fout zout, verkeerde vetten, noem maar op. Je
hoeft in onze samenleving niet aan de cocaïne of heroïne te zitten om kunstmatige stimulering door bepaalde middelen te ervaren. Dit is wat we onszelf en elkaar voortdurend aandoen. In tegenstelling tot de kortstondige stress die we ooit beleven als we geconfronteerd werden met een levensbedreigend gevaar, staan we nu vrijwel constant onder hoogspanning, waardoor we niets dan adrenaline en cortisol produceren en onze bijnieren overuren laten draaien. Al deze stimulatie vormt een onophoudelijke belasting voor je bijnieren die hun uiterste best doen om je tegen deze stressfactoren te beschermen. Dit doet een continu beroep op je adrenaline- en cortisolgehalte.

Vind je het gek dat we schreeuwende en hyperactieve kinderen hebben? En wat zijn de meest voorkomende gedragsstoornissen? Agressie (vandalisme, zinloos geweld, moord) of angststoornissen (depressie, psychose, schizofrenie). Vechten of vluchten dus. Dit is niet leven, maar overleven.


Medische beroepszombies
De medische wetenschap heeft hier geen fatsoenlijk antwoord op. In de reguliere medische wetenschap kent men twee uitersten voor aandoeningen van de bijnieren: de ziekte van Addison, waarbij de bijnieren extreem onderactief zijn en dus te weinig bijnierhormonen produceren, en de ziekte van Cushing, waarbij de bijnieren extreem overactief zijn en teveel bijnierhormonen produceren. Verder zit er niets tussenin. Het is echter wel degelijk mogelijk dat mensen milde tot ernstige bijnieruitputting ervaren die niet in een van beide categorieën valt en dus onder de noemer ‘gezond’ vallen. Sterker nog, niet gediagnostiseerde bijnieruitputting heeft in de afgelopen pakweg zestig jaar ronduit epidemische vormen aangenomen.

James Wilson legt in zijn boek Adrenal Fatigue treffend uit waarom bijnieruitputting in de medische wereld niet erkend wordt: vanwege onze in het algemeen stressvolle levensstijl ontwikkelt bijnieruitputting zich maar al te vaak geleidelijk. Wanneer dit plaatsvindt, gaan meestal de symptomen (wat we ervaren en voelen in ons lichaam) vooraf aan de tekenen (zichtbare veranderingen en labresultaten of klinische onderzoeksresultaten). Naarmate de
problemen zich ontwikkelen stapelen deze symptomen en tekenen zich op om een syndroom te vormen, wat een verzameling symptomen en tekenen is die toe te schrijven is aan een erkende medische aandoening. Helaas erkent de geneeskunde vaak een aandoening niet totdat deze zich tot een volledig syndroom heeft ontwikkeld. Tegen die tijd heb je al aanzienlijke verstoring van je leven en welzijn achter de rug.

Verderop beschrijft Wilson hoe dat zo gekomen is: in vijftig jaar tijd heeft de vergaande invloed van farmaceutische bedrijven en zorgverzekeraars de toepassing van de geneeskunde volledig veranderd en als
gevolg hiervan zijn de prioriteiten in medische opleidingen en de gezondheidszorg radicaal anders geworden. De precieze opmerkings-, onderzoeks- en logische beredeneringsvaardigheden van de dokter zelf, wat ooit zijn meest essentiële diagnostische hulpmiddelen waren, zijn nu vervangen door een afhankelijkheid van nauw geïnterpreteerd laboratoriumonderzoek en lijsten van numerieke diagnoses die gedekt worden door zorgverzekeringen. Medicijnen en operaties zijn vaak de enige therapieën die de moderne geneeskunde te bieden heeft, zelfs als ze niet nodig zijn. Dus als een ziekte niet duidelijk zichtbaar is via laboratoriumonderzoek of een
diagnostische code en als er geen erkende operatieve of medicinale behandeling voor de symptomen is, dan is het net of het probleem niet bestaat.

Hetzelfde geldt voor trage schildklierwerking. Ook dit is epidemisch, vooral onder vrouwen. De standaardtests laten echter deze diagnose maar al te vaak niet zien en de patiënt wordt met overduidelijke symptomen naar huis of naar de psychiater gestuurd met de mededeling dat het ‘tussen de oren’ zit of te maken heeft met stress.
Word je wel gediagnostiseerd met trage schildklierwerking dan vertoont je schildklier
vergevorderde onderactiviteit. Maar je hebt in ieder geval een diagnose en een behandeling, nietwaar?
Helaas vindt de ‘behandeling’ plaats met synthetisch in plaats van natuurlijk, dierlijk schildklierhormoon, waardoor je schildklier uiteindelijk zal afsterven, als hij niet in een stadium daarvoor al een zware ontsteking of zelfs kanker ontwikkelt. Bovendien gaan je symptomen op de lange termijn niet weg en zullen alleen maar verergeren, met
daarnaast een ernstig risico op andere klachten, zoals osteoporose (botontkalking).

De Amerikaanse Janie Bowthorpe was zo’n patiënt en zij besloot zichzelf te onderwijzen. Haar boek uit 2008, dat treffend Stop the Thyroid Madness (‘Stop de schildklierwaanzin’) heet, verwoordt in weinig omhulde termen de frustraties van schildklierpatiënten wereldwijd die zich uiteindelijk tot haar wenden: gezien door de ogen van schildklierpatiënten zijn doktoren visieloze, alles over een kam scherende, pillenvoorschrijvende, medische beroepszombies geworden.


Anti-stresstherapie
Van de bijnieren wordt algemeen gezegd dat ze stresshormonen produceren. Dat geeft deze hormonen een negatieve bijklank. De Noord-Amerikaanse indianen wisten al dat de bijnieren juist anti-stresshormonen produceren. Niet alleen aten ze gezond wild orgaanvlees, maar als ze wisten dat ze stressvolle tijden tegemoet gingen aten ze specifiek de bijnieren om de stress goed te doorstaan. In onze moderne maatschappij beschouwen we orgaanvlees in het algemeen en hormoonorganen in het bijzonder vaak als slachtafval. Gek genoeg wordt één hormoonorgaan wel beschouwd als een gezonde delicatesse en dat is kalfs- of lamszwezerik. De zwezerik is de thymus van het dier, een hormoonorgaan dat een belangrijke rol speelt voor het immuunsysteem van jong leven, ook bij ons mensen.

In de traditionele oosterse geneeskunsten diende men al vele duizenden jaren geleden hormoonextracten toe voor medicinale doeleinden, waaronder ook bijnierconcentraat. Gelukkig bestaat dit in Nederland ook. Gerenommeerde supplementfabrikanten als AOV en Bonusan bieden bijnierconcentraten aan voor relatief weinig geld en zonder doktersvoorschrift, wat aangeeft dat het gebruik ervan in lage doses veilig en zonder negatieve bijwerkingen is. Dierlijk schildklierhormoon is helaas wel alleen op doktersrecept te verkrijgen en slechts enkele natuurartsen in Nederland doen dit. Een arts die ik zeer aanbeveel is Ron Velthuis in Zutphen.


De bijnieren en de schildklier
De bijnieren en de schildklier vertonen een nauwkeurige relatie met elkaar. Overactiviteit bij de een kan leiden tot onderactiviteit bij de ander en andersom. Het is dan ook een hele puzzeltocht om te bepalen of je te maken hebt met primaire schildklierproblematiek gevolgd door secundaire bijnierproblematiek of andersom. Naar mijn mening is er een regelrechte epidemie van primaire bijnieruitputting met secundaire schildklierproblematiek gaande.

Bijnieruitputting is een ander woord voor onderactieve bijnieren. Om onderactief te worden, moeten de bijnieren eerst overactief zijn geweest. Dit stadium wordt de weerstandsfase genoemd en deze kan wel vijftien tot twintig jaar duren. Gedurende die tijd is er een overproductie van cortisol en adrenaline. Dit drukt de schildklierwerking, niet omdat er noodzakelijk iets mis is met de schildklier maar omdat dit vanuit het perspectief van de schildklier een volkomen logische en verstandige reactie is. De schildklier is onder andere verantwoordelijk voor de
lichaamstemperatuur en de snelheid van de stofwisseling. Als de schildklier op een lager pitje gaat branden, een soort ‘winterslaap’, gaat de lichaamstemperatuur omlaag en vertraagt de spijsvertering om te voorkomen dat je
opbrandt als een kaars. Je wordt dan ‘kouwelijk’ met ijskoude handen en voeten die maar niet warm te krijgen zijn en je krijgt spijsverteringsproblemen. Als er eenmaal sprake is van bijnieruitputting kan het zijn dat de schildklier juist overactief wordt om hiervoor te compenseren. Veel vaker komt echter voor dat de schildklier onderactief
blijft en je in een blijvende winterslaap houdt.

Veel schildklierklachten hebben dan ook hun oorzaak in bijnieruitputting. Aangezien dit een gezonde reactie is van de schildklier zal bloedonderzoek (TSH-waarde) geen problemen laten zien, waardoor je met zowel ongediagnostiseerde bijnieruitputting als niet gediagnostiseerde trage schildklierwerking rond blijft lopen. Pas als de problemen (meestal op veel latere leeftijd) veel erger worden, zal ook bloedonderzoek uitwijzen dat er iets ernstigs aan de hand is. Je bent dan vele jaren te laat met de nodige ellende al achter de kiezen.


De bijnieren en cholesterol en verzadigd vet
Cholesterol is de voorloper van alle hormonen. Het is een alcoholachtige substantie die zich gedraagt als een vet en een hoofdrol speelt in de hormonale ontwikkeling van jong leven. Cholesterol bevindt zich in het goede gezelschap van verzadigd vet. Moedermelk bijvoorbeeld bestaat hoofdzakelijk uit cholesterol en verzadigd vet. Niet
voor niets zijn eieren ook voedingsmiddelen die zeer rijk zijn aan cholesterol. Dat we bang gemaakt worden voor cholesterol en verzadigd vet is volkomen onterecht. Sterker nog, deze substanties zijn lichaamseigen, wat betekent dat het lichaam deze zo belangrijk vindt dat het ze zelf produceert onafhankelijk van de voedsel- inname. Je leest het goed: onafhankelijk van de voedsel-inname. De enige invloed die voeding rijk aan cholesterol en verzadigd vet heeft op je lichaam is dat het minder ingewikkelde omzettingen hoeft te doen als cholesterol en verzadigd vet rechtstreeks uit de voeding komen.

Cholesterol speelt een belangrijke rol bij de aanmaak van gal en van je ‘gelukshormoon’, serotonine. Verzadigd vet is een zeer belangrijke substantie voor het goed functioneren van de hersenen, een orgaan dat bestaat uit verzadigd vet, cholesterol, zout en water. Zou het kunnen dat verzadigd vet, cholesterol, zout en water daarmee wel heel erg belangrijke voedingsstoffen kunnen zijn? Vooral als je bedenkt dat deze stoffen ook in het complete zenuwstelsel te vinden zijn, in en rondom de botten en in alle organen, inclusief de hormoonorganen. Waarom worden deze zo vaak gedemoniseerd? Hoe kan iets wat zo intiem verweven is met alle levensprocessen verkeerd zijn? Zou het kunnen dat het iets te maken heeft met een bewuste poging om ons ziek, dom en ongelukkig te houden om geloofwaardigheid te geven aan wat door moet gaan voor de voedings- en gezondheidsindustrie?

Verzadigd vet zorgt ervoor dat letterlijk alles gesmeerd loopt. Vet stabiliseert als geen andere substantie de bloedsuikerspiegel en kalmeert daarmee de bijnieren en de alvleesklier. Hormonen zijn vetten. Cholesterol staat aan de basis van alle hormonen. Eet en drink dus je verzadigd vet en cholesterol, je hormonen zullen er blij mee zijn. En niet alleen je hormonen. Ervaar bij jezelf de rust, balans en het geluksgevoel dat gepaard gaat met de juiste inname van cholesterol en verzadigd vet. De cholesterolwaardes die de dokter meet, hebben niets te maken met je consumptie van cholesterol. Het vetgehalte van je lichaam heeft niets te maken met je consumptie van vet, vooral verzadigd vet. Het mag inmiddels duidelijk zijn dat er veel complexere hormonale processen spelen die over- of ondergewicht, maar ook te hoge cholesterolwaardes veroorzaken.

Cholesterol bijvoorbeeld repareert vaatwanden en spieren en pezen die anders zouden scheuren. En diezelfde cholesterol onderdrukken wij vervolgens met statines (cholesterolverlagende middelen). De waanzin ten top. Vind je het gek dat spierkrampen en depressie tot de bijwerkingen behoren? Deze ‘medicatie’ verstoort hormonale processen die zeer waarschijnlijk al verstoord waren. Bijnieruitputting bijvoorbeeld. Of trage schildklierwerking. Werk liever daaraan en ondersteun de levensprocessen in je lichaam in plaats van ertegenin te gaan.


De bijnieren en de spijsvertering
Bijnieruitputting heeft allerlei spijsverteringsklachten tot gevolg. In principe kunnen er problemen optreden met de vertering van allerlei voedingsmiddelen. De vertering van koolhydraten en vetten kunnen problematisch worden, maar vooral de vertering van eiwitten zijn vaak een probleem. Dit zijn de beruchte allergieën en intoleranties voor
gluten en melkeiwitten, maar denk ook aan notenallergieën. Niet zo verwonderlijk allemaal, want je lichaam maakt minder maagzuur en galvloeistof aan waardoor eiwitten en andere stoffen (zoals bijvoorbeeld oxaalzuur en fytinezuur) niet of onvoldoende afgebroken kunnen worden.

Een belangrijk afvalproduct van eiwitvertering dat voor veel problemen kan zorgen is urinezuur. Het dankt zijn naam aan het feit dat dit zuur via de urine geloosd hoort te worden. Urinezuur ontstaat door vertering van purine, een eiwit dat veel voorkomt in dierlijke voeding, met name orgaanvlees en vette vis. Laat dit je overigens niet
ontmoedigen om orgaanvlees en vette vis te consumeren, want dit zijn juist twee extreem voedzame voedingsmiddelen. Behalve als je nieren en bijnieren te zwak zijn, dan kunnen ze de purine niet goed genoeg verwerken en het urinezuur niet voldoende via de blaas lozen, waardoor het achterblijft in het bloed. Het lichaam
heeft dan geen andere keuze dan het urinezuur af te zetten in de gewrichten, waar het allerlei ontstekingsprocessen bevordert. Je kunt ook tekorten aan verteringsenzymen in de lever en alvleesklier ontwikkelen, bijvoorbeeld een tekort aan het eiwitsplitsende enzym pepsine of het eiwitenzym protease, het vetoplossende lipase of het koolhydraatenzym amylase. Deze tekorten aan verteringssappen en enzymen worden in de hand gewerkt door een trage schildklier. Allemaal heel vervelend voor jou, maar voor jouw overleving een goede beslissing van de schildklier, want je gaat door de voortdurende stress veel te hard en om niet uit de bocht te vliegen is het verstandiger wat gas terug te nemen.

De schildklierwerking wordt onderdrukt door zowel overactieve als onderactieve bijnieren. Een eiwitrijk voedingspatroon met weinig vetten en veel koolhydraten is rampzalig voor je schildklier en zal je problemen alleen maar verergeren, omdat het de schildklier uitput van zijn vitamine A- en schildklierhormoonreserves.
Er kunnen ook tussenstadia plaatsvinden waarbij je schildklier afwisselend overgeactiveerd wordt door de bijnieren om vervolgens trager te gaan lopen. Je kunt het dan bijvoorbeeld afwisselend bloedheet en daarna ijskoud krijgen. Dit ervaar je bijvoorbeeld als je griep hebt, omdat elke vorm van ziekte een grote wissel trekt op je
bijnieren en schildklier. Maar sommige mensen ervaren dit zonder griep en het duidt op een disbalans tussen de bijnieren en de schildklier. Naarmate de jaren verstrijken en je verkeerde patronen en gewoontes niet afnemen, zullen de klachten toenemen. Deze worden vervolgens toegeschreven aan de ‘ouderdom’ of ‘genetische’ factoren.
Als men het helemaal niet meer kan verklaren zit het ‘tussen de oren’ en ben je rijp voor schildklierslopende antidepressiva op basis van het uiterst giftige fluor.


De bijnieren en candida
Door bijnieruitputting vertraagt de schildklier, waardoor je spijsvertering vertraagt. Je darmflora raken hierdoor uit balans, iets wat dysbiose wordt genoemd. Een tekort aan maagzuur levert een ongunstige omgeving op voor positieve darmbacteriën als de acidofilus en bifidum en een zeer gunstige omgeving voor de gistbacterie candida
albicans, die zich kan ontpoppen tot een schimmel. Dit is eveneens logisch vanuit het perspectief van je lichaam. Candida wordt vaak als een boosdoener gezien die de oorlog verklaard moet worden, maar daarbij wordt over het hoofd gezien dat als het niet aan candida en andere opruimers van moeder natuur had gelegen je er nog veel
erger aan toe zou zijn. Je voedsel zou namelijk niet of onvoldoende verteerd worden en het zijn deze micro-organismes die door middel van rottingsprocessen alsnog voor de vertering zorgen.

Dat dergelijke rottingsprocessen brandend maagzuur, een opgeblazen gevoel, verstopping, gasvorming (winden, boeren) en stinkende ontlasting veroorzaken is voor ons heel vervelend maar het zou ons juist aan het denken moeten zetten over onze slechte gewoontes. Dit opruimwerk met behulp van micro-organismes is een
backup-mechanisme van onze spijsvertering. We moeten de schuld niet bij een darmschimmel leggen, maar bij onszelf. Het is rommel en gifstoffen waardoor ze aangetrokken worden, dus we moeten geen rommel en gifstoffen tot ons nemen. Daarnaast moeten we onze spijsvertering verbeteren zodat we werkelijk goede voeding ook werkelijk goed kunnen verteren. We hebben hiervoor gezonde bijnieren nodig en een schildklier die een optimale lichaamstemperatuur en een optimale stofwisselingssnelheid kan genereren.


De bijnieren en gal- en nierstenen
Erg belangrijk voor het voorkomen van gal- en nierstenen is de aanwezigheid van voldoende verteringssappen (maagzuur en galzouten) en enzymen in de lever en alvleesklier. Door bijnieruitputting en de daaropvolgende vertraging van de schildklier en daarmee weer de spijsvertering ontstaat er een tekort aan spijsverteringssappen
en verteringsenzymen, waardoor overmatige cholesterolafzettingen verkalken en
uiteindelijk gal- en nierstenen kunnen vormen.

Opnieuw worden eiwitten vaak in verband gebracht met de vorming van deze stenen, met name dierlijke eiwitten. Oxalaten en fytaten worden vaak ook als verdachten aangewezen. De schuld geven aan het voedingsmiddel lost het probleem echter niet op, dit is essentieel een verteringsprobleem. Het is daarom zinvoller om de
spijsvertering te verbeteren en sterker te maken. De eerste schakel in de keten die we dan moeten ondersteunen is de bijnieren. Ook is het goed om je verzadigde vetconsumptie op te voeren om twee redenen: vet ondersteunt de spijsvertering van zowel eiwitten als koolhydraten en vet zet de galblaas aan tot de aanmaak van meer
galvloeistof.


De bijnieren en diabetes
De bijnieren bewaken samen met de alvleesklier de glucosebalans in het bloed. Er vindt daardoor een intieme samenwerking plaats tussen het hormoon insuline, afgegeven door de alvleesklier, en het bijnierhormoon cortisol. Zowel insuline als cortisol hebben een regulerend effect op de bloedsuikerspiegel. Een te weinig aan cortisol of een teveel aan insuline geeft hypoglycemie, waarbij de bijnieren proberen de lever aan te sporen tot meer glucoseafgifte. Bijnieruitputting gaat echter ook gepaard met slechte leverfunctie dus de lever reageert op dat moment te traag. De bijnieren verhogen dan de schildklierwerking en de bloeddruk om het hart aan te sporen tot een snellere doorbloeding. Gevolg: hartkloppingen, paniek, er gaat te
weinig glucose naar de hersenen! Je kunt hiervan duizelig worden, concentratieproblemen krijgen, een ‘vissekomgevoel’ (brain fog), flauwvallen en zelfs in shock en coma raken. Dit laatste staat onder diabeten bekend als een hypoaanval.

Een te hoog cortisolgehalte zorgt op termijn voor bijnieruitputting, waardoor je cortisolniveau daalt. De alvleesklier gaat dan weer compenseren voor het te lage cortisolgehalte dat gepaard gaat met bijnieruitputting. Je kunt dus van teveel cortisol schommelen naar te weinig cortisol en van te weinig insuline naar teveel. Er bestaat
een delicaat evenwicht tussen cortisol en insuline, omdat cortisol catabool (afbrekend) is en insuline anabool (opbouwend). Beiden zijn even nuttig en noodzakelijk, mits er sprake is van de juiste balans van opbouw en afbraak. Zo kan het lichaam zijn eigen cellen telkens vernieuwen, waarmee tevens de mythe dat je
een ziekte voor het leven hebt geen stand houdt.

Heb je te weinig cortisol en teveel insuline dan gaan je cellen op slot voor de overmaat aan insuline en dan ontwikkel je insulineweerstand. In een vroeg stadium heet dit 'metabolisch syndroom' of 'syndroom X' of 'prediabetes'. In een later stadium is dit diabetes type 2. Type 2 is dus vergevorderde insulineweerstand als gevolg van een overactieve alvleesklier en daarmee dus ook vergevorderde bijnieruitputting. Teveel cortisol drukt de schildklierwerking. Hierdoor worden alle organen traag, dus ook de alvleesklier. Heb je een te weinig aan insuline dan is je alvleesklier uitgeput. Je bijnieren raken echter op termijn ook uitgeput, niet in de laatste plaats door overproductie van cortisol maar ook om te proberen te compenseren voor een trage schildklierwerking en insulinetekort.

Wat is dan diabetes type 1, de insuline-afhankelijke variant van suikerziekte?
Vergaande bijnieruitputting, trage schildklierwerking en alvleesklieruitputting. Om maar niet te spreken van lever-, nier- en miltuitputting, allemaal ten gevolge van een trage schildklier en bijnieren die hiervoor niet meer kunnen compenseren. Dit maakt diabetes type 1 en 2 twee kanten van dezelfde medaille, waarbij alleen het stadium
waarin ze verkeren verschillend is. Diabetes is dus géén suikerziekte. Het symptoom, een te hoge of lage bloedsuiker, wordt hiermee tot ziekte verklaard en vervolgens ‘behandeld’. ‘Suikerziekte’ is een ziekte die met het risico vele andere ziektes in verband wordt gebracht, zoals hart- en vaatziekte, blindheid, nieraandoeningen, gangreen (met name het aftsterven van voeten) en reuma. Diabetes is daarmee een stofwisselingsziekte die zijn basis heeft in de hormoonhuishouding en diep ingrijpt in het totale systeem.

De bijnieren en dysglycemie
Vaak wordt gesproken over hypoglycemie. ‘Hypo’ betekent laag en dus is hypoglycemie een lage bloedsuikerspiegel, oftewel te weinig glucose in het bloed. Je lichaam draait op twee brandstoffen, glucose voor de korte termijn en vet (met name verzadigd vet) op de lange termijn. Hypoglycemie is het tegenovergestelde van
hyperglycemie, een fenomeen dat bij diabeten wordt waargenomen. Hyperglycemie (een te hoge bloedsuikerspiegel) komt voort uit een uitgeputte alvleesklier die niet langer voldoende insuline kan produceren.

Zoals te lezen is onder ‘de bijnieren en diabetes’ wordt bijnieruitputting niet meegenomen in het ontstaan van diabetes, terwijl bijnieruitputting wel eens de veroorzaker van alvleesklieruitputting zou kunnen zijn. Hypoglycemie is een van de verschijnselen die gepaard gaan met candida, waardoor candida gezien moet worden als een voorloper van diabetes. Toch is de benaming hypoglycemie niet helemaal juist. Beter is het om te spreken
van dysglycemie, oftewel het onvermogen van je lichaam om de bloedsuiker goed te regelen waardoor deze gaat schommelen. Dit verklaart ook waarom het tempo van de schildklier afwisselend traag en snel kan zijn en de bloeddruk en de hartslag eveneens laag en hoog kan zijn. Hieronder meer over de bijnieren en de bloeddruk.

Enkele feiten over dysglycemie
• Dysglycemie leidt tot onregelmatige hartslag
• Dysglycemie leidt tot hoge of lage bloeddruk;
• Dysglycemie leidt tot hoge of lage lichaamstemperaturen;
• Dysglycemie is een vorm van (pre)diabetes;
• Dysglycemie kan leiden tot trage en snelle schildklierwerking;
• Dysglycemie treedt samen met insulineweerstand op;
• Dysglycemie leidt tot verzwakking en/of ontsteking van de beschermende slijmvlieslaag rondom het spijsverteringskanaal (leaky gut), de longen (leaky lungs) en de hersenen (leaky brain).

De remedie
Het stabiliseren van de bloedsuikerspiegel. Een stabiele bloedsuikerspiegel is alles. Misschien dat je nu ook duidelijk wordt waarom het eten of drinken van kant-en-klare lege koolhydraten als witte suiker en witmeel zo’n ramp is voor je complete gestel.


De bijnieren en kanker
Hierboven legde ik al de relatie uit met de bijnieren en kanker van het bot, het bloed en het beenmerg. Zoals gezegd, een stabiele bloedsuikerspiegel is alles. Er bestaat geen enkele kankerpatiënt met een stabiele bloedsuikerspiegel. Melvin Page legde het verband al tussen de bloedsuikerspiegel, diabetes en kanker. Uit zijn boek Your Body Is Your Best Doctor! (1972): we hebben gemerkt dat die gevallen van kanker die wij hebben gezien bijna onveranderd overactieve anabole hormoonorganen hadden. Ongeveer 95 procent daarvan had een overactieve anterieure hypofyse en abnormaal hoge bloedsuikerniveaus. Het is welbekend dat kanker en diabetes veelal ziektes zijn die met elkaar verband houden. We kunnen ons geen enkel geval van kanker herinneren
met een correct bloedsuikergehalte, terwijl in de meeste niet-kankergevallen dit simpelweg verkregen kan worden door middel van alleen al een suikervrij eetpatroon. Wat Page hier zegt, is dat hij steevast twee verschijnselen tegenkwam bij kankerpatiënten: teveel anabole hormoonactiviteit en een te hoge bloedsuikerspiegel.

Hij trekt terecht de vergelijking met diabetes omdat diezelfde twee verschijnselen ook bij diabeten worden waargenomen. Zoals gezegd is het evenwicht tussen een anabool (opbouwend) hormoon als insuline en een catabool (afbrekend) hormoon als cortisol zeer belangrijk voor de juiste verhouding tussen celopbouw en celafbraak.

Het gaat dus om de juiste insuline-cortisolbalans, het juiste samenspel tussen insuline en cortisol, tussen de alvleesklier en de bijnieren. Bij een teveel aan cortisol, dat onvoldoende wordt afgeremd door insuline, vindt er
celafbraak plaats. Andersom vindt er bij een teveel aan insuline, dat onvoldoende geremd wordt door cortisol, teveel celopbouw plaats.

En wat is nou de definitie van kanker
Ongeremde celvorming. Bijnieruitputting ligt dus aan de basis van zowel diabetes als kanker. Cortisol remt niet alleen het immuunsysteem maar ook de celopbouwende werking van insuline. Een overschot aan insuline is bewezen kankerverwekkend. Bij diabetes type 2 is de alvleesklier verantwoordelijk voor een overproductie ervan en bij diabetes type 1 moet de patiënt dit noodzakelijk inspuiten, waardoor het probleem op termijn niet verholpen wordt maar verergert en er bovendien een risico op kanker ontstaat.

De Duitser Otto Warburg ontdekte al in 1924 dat kanker zich voedt met suiker. Melvin Page zit dus helemaal goed als hij vaststelt dat anabole overactiviteit en teveel suiker in het bloed in zowel diabetes- als kankerpatiënten gevonden wordt. De relatie met het bloedsuikerverlagende afbraakhormoon cortisol als remmende factor is snel
gelegd.

Als Warburg al op dit spoor zat in 1924 en Melvin Page dit schrijft in een boek uit 1972, waarom hebben we nog steeds zulke primitieve symptoom’behandelingen’ van deze twee alsmaar meer voorkomende ziektes?
Waarom wordt dit niet effectiever aangepakt met hormonen en voeding zoals Melvin Page deed?

Candida en dysglycemie als voorstadium van diabetes zijn een eerste waarschuwing. Diabetes als voorstadium van kanker is een tweede, ernstigere waarschuwing. Aan al deze stofwisselingsziektes ligt bijnieruitputting ten grondslag. Hopelijk wordt het je nu duidelijk hoe slecht we er met z’n allen voorstaan op dit moment. Want wat zijn op dit moment de snelst groeiende ziektes die epidemische vormen aannemen? Kanker en diabetes. En niet te vergeten hart- en vaatziekte natuurlijk. Toeval dat er ook een grotendeels onontdekte epidemie speelt genaamd ‘bijnieruitputting’? Ik dacht het niet. Waarom weet je dokter hier niet van terwijl hij wel synthetische corticosteroïden uitschrijft alsof het snoepjes zijn?

En zonder stress geen kanker. Stress is een zeer belangrijke veroorzaker van ziekte in het algemeen en kanker in het bijzonder. Stress is dodelijk. Ik zag in een televisieprogramma over Louisiana enkele jaren na Hurricane Katrina een man die vertelde dat hij en zijn vrouw ternauwernood op het dak van hun huis waren
gekropen om aan het opkomende water te ontsnappen. Ze hadden het geluk dat een helikopter hen bijtijds kwam oppikken. De man keek opzij en vond zijn vrouw dood naast zich. Van de stress. Haar bijnieren trokken het niet meer en veroorzaakten een hartstilstand. Dit geeft aan hoe krachtig het stressmechanisme is en hoe bepalend dit
kan zijn voor leven of dood, gezondheid of ongezondheid. Kanker is het totale lamleggen van het immuunsysteem door hormonale disbalans en het is geen toeval dat bovenaan de lijst van veelvoorkomende kankersoorten twee hormonale kankers staan, namelijk prostaatkanker bij mannen en borstkanker bij vrouwen.


De bijnieren en de bloeddruk
Lage bloeddruk wordt over het algemeen gezien als een symptoom van
bijnieruitputting, hoge bloeddruk als een symptoom van trage schildklierwerking.


[...]

De bijnieren en depressie

[...]

De bijnieren en agressie

[...]

De bijnieren en hyperactiviteit

[...]


Geplaatst: 20 11 2011, 19:22 000000 

Culinair --- hoe bedoelt u ...:


Ik heb dit weekend na 10 jaar weer eens een varkenshaasje gekocht. Dacht ik.
Niet bij een echte slager maar in een supermarkt. Mooi verpakt je zou er trek in krijgen.

Als ik het haasje uit de verpakking haal valt mij het eerste op dat er op staat
VARKENSHAAS - CULINAIR. wat is hier zo culinair aan dacht ik.
Ik ga eens op de verpakking kijken en tijdens het lezen , beginnen de bellen al te rinkelen als ik lees dat
je tijdens het braden geen water moet toevoegen. Het is weer eens zover. Het haasje
is volgespoten met onderstaande stoffen en met water. Dat blijkt ook wel na het volgende tekst die
je goed kan lezen met een vergrootglas. 80 % varkensvlees. plus plus.
Dus blijkt ergens 20% iets anders in te zitten.

Mijn vermoedens gaan sluipend uitkomen.
Het haasje past niet in mijn koekenpan, hij hangt er dik overheen.
Na de keurige 10 min. bakken ging het haasje er vandoor
in mijn pan en bleek waar ik bij stond voor 40% gekrompen te zijn van het water wat in het haasje was gespoten
met onderstaande toevoegingen. Dus 20% vlees was ik al kwijt en nog eens 20% gekrompen.

Dat is nog eens culinair . Na het bakken toch even proeven.
Geen mooi wit varkens vlees, maar goed roze gekleurd en ondanks dat ik er geen zout had opgedaan
had ik het idee na het proeven of mijn tong in de zoutpot hing.
Absoluut dus niet geschikt voor mensen die zoutloos moeten eten
En lees nog even de toevoegingen goed.

Toch wees gerust er zit al een anti bacteriën. in voor eventuele ziekte van
het varken. Als je het proeft lijkt het op gebakken nep beenham met toegevoegde troep.

Na een stukje wist ik dat ik er weer was ingetrapt. Dus gaf mijn culinair haasje
in stukjes aan de katten. Na het ruiken, besnuffelen of noem het op liepen mijn niet
verwende Siamezen weg van het aangeboden product.

Dan maar naar de hond dacht ik.
Ook die liet zijn neus er over gaan en trok zijn neus er voorop.

De container was zijn laatste rustplaats.
Voor als u het niet begrepen heeft, het culinaire haasje rust nu tussen andere afval producten.

Geen ouderwets lekker varkenshaasje maar een stuk gekleurd en zeer pittig zout haasje die mijn bloeddruk
spontaan deed stijgen. Eet lekker en blijf gezond.
Mijn bloeddruk is zoutloos gestegen.

Het volgende E.Nummers stonden op de verpakking.
europees goedgekeurd zeer slecht voor hart en bloedvaten.

E250
E262
E301
E325
E451
E452
E621
E631


O ja en als je dit in en restaurant eet en je niet weet dat er ook nog culinaire tware en soja zijn toegevoegd
dan weet je wel waar je ziek van bent geworden.



E250 : Natriumnitriet
Herkomst:
Komt van nature voor als mineraal. Wordt direct gewonnen of gemaakt uit natriumnitraat.

Functie en eigenschappen
Een wit poeder gebruikt als conserveermiddel tegen de bacterie Clostridium botulinum (de bacterie die botulisme veroorzaakt) in vlees en visproducten.

Producten:
vlees en visproducten

Acceptabele dagelijkse inname (ADI) :
Tot 0.06 mg/kg lichaamsgewicht

Bijwerkingen :
Nitrieten kunnen in de maag met eiwitten reageren tot de (potentieel kankerverwekkende) nitrosamines. Hoge concentraties kunnen ook reageren met hemoglobine. Het mag niet gebruikt worden in voeding voor kinderen onder de 6 maanden. Kleine kinderen hebben een andere vorm van hemoglobine, die veel gevoeliger is voor nitrieten dan normaal hemoglobine.

Dieetbeperkingen :
Geen. Nitrieten en nitraten kunnen gebruikt worden door alle religies, vegetariers en veganisten.







E262 (i) Natriumacetaat
E262 (ii) Natriumdiacetaat (een mengsel van natriumacetaat en azijnzuur)


Oorsprong:
Natriumzout van azijnzuur, een natuurlijk zuur. Azijnzuur komt voor in allerlei vruchten en in hoge concentraties in alle gefermenteerde producten. Commercieel geproduceerd door middel van bacteriële fermentatie van suiker, melasse of alcohol, of synthetisch van aceetaldehyde.

Functie en eigenschappen:
Acetaten worden gebruikt als conserveermiddelen en buffers.





E301 Natriumascorbaat
Ascorbine

Herkomst:
Natriumzout van ascorbinezuur (vitamine C), een natuurlijk zuur, aanwezig in vrijwel alle groente en fruit. Commercieel verkregen door bacteriële fermentatie van glucose, gevolgd door een chemische oxidatiestap.

Functie en eigenschappen
Natriumascorbaat fungeert als anti-oxidant en broodverbetermiddel. Het gaat de bruining van fruit tegen en voorkomt de vorming van nitrosamines in vlees. Als het als vitamine C toegevoegd wordt, mag het niet vermeld staan als E300, maar als vitamine C, alleen bij gebruik als additief wordt E300 gebruikt.

Producten:
zeer veel producten.

Acceptabele dagelijkse inname (ADI) :
Geen limiet.

Bijwerkingen :
Er zijn geen bijwerkingen bekend in de gebruikte concentraties.










E325: Natriumlactaat
Oorsprong:
Natriumzout van melkzuur (E270), een natuurlijk zuur, geproduceerd door melkzuurbacteriën in gefermenteerde producten. Alle gefermenteerde producten zijn rijk aan melkzuur. Commercieel geproduceerd door bacteriële fermentatie van melasse of zetmeel. Het wordt ook op grote schaal gemaakt door de bacteriën in de dikke darm.

Functie en eigenschappen:

Melkzuur en lactaten worden gebruikt als conserveermiddel, vooral tegen gisten. Het stabiliseert anti-oxidanten en pectines en wordt aan allerlei producten toegevoegd om uitdroging te voorkomen.

E451 Kalium- en natrium trifosfaten
E450(i) Pentanatriumtrifosfaat (voorheen E450b(i))
E450(ii) Pentakaliumtrifosfaat (E450b(ii))


Herkomst:
Natrium-, kaliumzouten van fosfaten. Commercieel gewonnen uit de carbonaten van de verschillende zouten en fosforzuur.

Functie en eigenschappen
Buffers, stabilisatoren en emulgatoren. Worden ook gebruikt om de waterbinding te bevorderen.

Producten:
In zeer veel producten

Acceptabele dagelijkse inname (ADI) :
Tot 70 mg/kg lichaamsgewicht voor alle fosfaat-houdende additieven gezamenlijk

Bijwerkingen :
Geen bekend bij gebruik in levensmiddelen. Hoge concentraties fosfaten kunnen allerlei bijwerkingen veroorzaken, aangezien fosfaat een essentieel onderdeel is van vele stofwisselingsprocessen.

Dieetbeperkingen :
Geen. E451 kan gebruikt worden door alle religies, vegetariërs en veganisten.

E452(i) Natriumpolyfosfaat (voorheen E450c(i))
E452(ii) Kaliumpolyfosfaat (E450c(ii))
E452(iii) Natriumcalciumpolyfosfaat
E452(iv) Calciumpolyfosfaat (ook 544)
E452(v) Ammoniumpolyfosfaat


Herkomst:
Natrium-, kalium-, ammonium- en calciumzouten van fosfaten. Commercieel gewonnen uit de carbonaten van de verschillende metalen en fosforzuur.

Functie en eigenschappen
Stabilisatoren, sequesteermiddelen (metaalbinders) en emulgatoren. Worden ook gebruikt om de waterbinding te bevorderen en uitdroging te voorkomen .

Producten:
In zeer veel producten

Acceptabele dagelijkse inname (ADI) :
Tot 70 mg/kg lichaamsgewicht voor alle fosfaat-houdende additieven gezamenlijk

Bijwerkingen :
Geen bekend bij gebruik in levensmiddelen. Hoge concentraties fosfaten kunnen allerlei bijwerkingen veroorzaken, aangezien fosfaat een essentieel onderdeel is van vele stofwisselingsprocessen.

Dieetbeperkingen :
Geen. E452 kan gebruikt worden door alle religies, vegetariërs en veganisten.



MSG, ve-tsin, natriumglutaminaat, ajinomoto

Herkomst:
Het natriumzout van glutaminezuur (E620), een natuurlijk aminozuur, aanwezig in alle eiwitten. Commercieel gemaakt door bacteriële fermentatie van melasse of door afbraak van plantaardig eiwit, vooral gluten en soja-eiwit. Glutaminezuur en glutamaten komen van nature in hoge concentraties voor in oude kaas, moedermelk, tomaten en sardientjes.

Functie en eigenschappen:
Glutaminezuur en glutamaten zijn smaakversterkers met de speciale umami smaak. Ze versterken de smaak in veel producten, waardoor veel minder zout nodig is.

Producten:
Zeer veel producten.

Acceptabele dagelijkse inname (ADI) :
Geen vastgesteld. Glutaminezuur en glutamaten mogen niet gebruikt worden in producten voor kinderen jonger dan 12 weken.

Bijwerkingen :
Er worden veel bijwerkingen van glutamaten vermeld, maar deze zijn niet wetenschappelijk bewezen. Zie hier en hier voor meer informatie over glutamaten en bijwerkingen.

Dieetbeperkingen :
Geen. Glutaminezuur en glutamaten kunnen gebruikt worden door alle religies, vegetariërs en veganisten. Ze bevatten geen gluten.

Food-Info.net> E-nummers > E400-500

E452 Polyfosfaten
E452(i) Natriumpolyfosfaat (voorheen E450c(i))
E452(ii) Kaliumpolyfosfaat (E450c(ii))
E452(iii) Natriumcalciumpolyfosfaat
E452(iv) Calciumpolyfosfaat (ook 544)
E452(v) Ammoniumpolyfosfaat


Herkomst:
Natrium-, kalium-, ammonium- en calciumzouten van fosfaten. Commercieel gewonnen uit de carbonaten van de verschillende metalen en fosforzuur.

Functie en eigenschappen
Stabilisatoren, sequesteermiddelen (metaalbinders) en emulgatoren. Worden ook gebruikt om de waterbinding te bevorderen en uitdroging te voorkomen . === daarom geen water toevoegen, het spat je pan uit ===

Producten:
In zeer veel producten

Acceptabele dagelijkse inname (ADI) :
Tot 70 mg/kg lichaamsgewicht voor alle fosfaat-houdende additieven gezamenlijk

Bijwerkingen :
Geen bekend bij gebruik in levensmiddelen. Hoge concentraties fosfaten kunnen allerlei bijwerkingen veroorzaken, aangezien fosfaat een essentieel onderdeel is van vele stofwisselingsprocessen.

Dieetbeperkingen :
Geen. E452 kan gebruikt worden door alle religies, vegetariërs en veganisten.



E631 : Natriuminosinaat
Herkomst:
Natriumzout van inosinezuur (E630), een natuurlijk zuur dat vooral voorkomt in dierlijke producten. Commercieel gewonnen uit vlees en sardientjes. Ook wel via bacteriële fermentatie van suiker.

Functie en eigenschappen:
Inosinezuur en inosinaten zijn smaakversterkers zonder de speciale umami smaak. Ze versterken de smaak in veel producten, waardoor veel minder zout nodig is. Veel sterker dan de glutamaten.

Producten:
Vele zeer uiteenlopende producten.

Acceptabele dagelijkse inname (ADI) :
Geen vastgesteld. Inosinezuur en inosinaten mogen niet gebruikt worden in producten voor kinderen jonger dan 12 weken.

Bijwerkingen :
Personen met asthma kunnen heftig reageren op inosinezuur en inosinaten. Gebruik wordt ontraden bij personen met jicht, omdat inosinaten in purines worden omgezet. De gebruikte concentraties zijn echter zo laag, dat er waarschijnlijk geen effect te merken zal zijn.

Dieetbeperkingen :
Inosinezuur en inosinaten zijn vrijwel altijd van vlees of vis afkomstig, hierbij zijn onreine dieren niet uit te sluiten. Ze zijn dus niet geschikt voor vegetariers en veganisten, en zonder de oorsprong te weten, niet altijd voor Moslims, Joden en Hindoes. Alleen de producent kan de oorsprong van het product aangeven.














MSG, ve-tsin, natriumglutaminaat, ajinomoto

Herkomst:
Het natriumzout van glutaminezuur (E620), een natuurlijk aminozuur, aanwezig in alle eiwitten. Commercieel gemaakt door bacteriële fermentatie van melasse of door afbraak van plantaardig eiwit, vooral gluten en soja-eiwit. Glutaminezuur en glutamaten komen van nature in hoge concentraties voor in oude kaas, moedermelk, tomaten en sardientjes.

Functie en eigenschappen:
Glutaminezuur en glutamaten zijn smaakversterkers met de speciale umami smaak. Ze versterken de smaak in veel producten, waardoor veel minder zout nodig is.

Producten:
Zeer veel producten.

Acceptabele dagelijkse inname (ADI) :
Geen vastgesteld. Glutaminezuur en glutamaten mogen niet gebruikt worden in producten voor kinderen jonger dan 12 weken.

Bijwerkingen :
Er worden veel bijwerkingen van glutamaten vermeld, maar deze zijn niet wetenschappelijk bewezen. Zie hier en hier voor meer informatie over glutamaten en bijwerkingen.

Dieetbeperkingen :
Geen. Glutaminezuur en glutamaten kunnen gebruikt worden door alle religies, vegetariërs en veganisten. Ze bevatten geen gluten.

Pagina 1 van 6   Volgende »   

 

 
[ omhoog ]